U bevindt zich hier: Home » Nieuws » Geen beslagvrije voet bij bankbeslag

Geen beslagvrije voet bij bankbeslag

Gerechtshof Amsterdam bevestigt beslissing gerechtsdeurwaarderskamer: bij bankbeslag geldt geen beslagvrije voet

Bij de totstandkoming van het preadvies 'Naar een nieuwe beslagvrije voet' in 2014 was het de bedoeling dat in tweede instantie een koppeling zou moeten worden gemaakt met het bankbeslag, zodat verkapte loonbeslagen tot het verleden behoren. De gedachte daarbij was, dat het weinig effectief is de beslagvrije voet bij een beslag op loon zorgvuldig wettelijk te regelen, als de op de bankrekening gestorte beslagvrije voet direct weer vatbaar is voor beslag. Een dergelijk beslag zou dan immers het risico kunnen doen ontstaan van bestaanszekerheidsproblemen bij de beslagene. Echter, anderzijds kan een al te ruimhartige toepassing van de beslagvrije voet de schuldeiser onredelijk beperken in diens mogelijkheden tot verhaal.

De Koninklijke Beroepsorganisatie van Gerechtsdeurwaarders (KBvG) voert in het kader van het nieuw te schrijven preadvies overleg teneinde een oplossing te vinden voor deze juridische spagaat.

Voor de bepaling of bij een beslag op een bankrekening daadwerkelijk een beslagvrije voet is getroffen, lijkt informatievoorziening aan de gerechtsdeurwaarder cruciaal te zijn. Ook in de uitspraak van de Gerechtsdeurwaarderskamer van het Gerechtshof Amsterdam van 22 augustus jl. komt dit knelpunt nadrukkelijk naar voren.

In deze uitspraak is het Hof ‒ met de kamer ‒ van oordeel dat niet kan worden vastgesteld dat de gerechtsdeurwaarder op het moment van beslaglegging geheel op de hoogte was van het inkomen van de echtgenoot van klaagster en de saldopositie van de bankrekening(en) van klaagster en haar echtgenoot. Voorts was het onder het beslag gebrachte bedrag niet ondubbelzinnig te herleiden tot inkomsten waarop geen beslag mocht worden gelegd gelet op de daarvoor geldende beslagvrije voet. Verder zou misbruik van recht aan de orde kunnen zijn in het geval een gerechtsdeurwaarder (voldoende) inzicht heeft in de inkomsten en uitgaven van de debiteur en, indien aan de orde, desondanks niet direct tot opheffing van het beslag overgaat.

Dit alles was in deze uitspraak niet aan de orde. Verder heeft de betrokken deurwaarder op basis van de hem bekende feiten en omstandigheden voldoende rekening gehouden met de belangen van klaagster. Naar het oordeel van het hof heeft de gerechtsdeurwaarder dan ook voldoende zorgvuldig gehandeld.

Bron: KBvG.
Uitspraak Gerechtshof Amsterdam, 22 augustus 2017, <klik hier>
Zie ook Ombudsman: bescherm beslagvrije voet bij bankbeslag
<klik hier>

 

Stuur deze pagina door naar een vriend(in)

De volgende velden zijn onjuist:

  •